Nadenken en niets doen

Ik denk (oh, the irony) dat niet weten waar je mee bezig bent helpt. Het werkt! Dat piekeren over iets zelden nuttig is wisten we al, en het gebeurt vaak dat als je even niet oplet met wat je doet, het opeens allemaal lukt.
En toch gaat er zoveel fout, wellicht door over-concentratie. Het menselijk brein is in staat tot grote dingen, we kennen allemaal het spreekwoordelijke “nachtje erover slapen”. Zoals Berthold Gunter beschreef in zijn (mag ik zeggen meesterlijke) boekje “Ja, maar.. Huh?!”;

“Ons onderbewuste lijkt als een trouwe en loyale raadsman voor ons aan het werk te gaan. Terwijl wij nietsdoen (en de kunst is ook echt niets inspannends te doen, want zodra je dat wél doet geef je het onderbewuste een nieuwe opdracht en dat is nou niet de bedoeling) een beetje slapen, in bad zitten, wandelen, dagdromen, is ons onderbewuste als een razende voor ons aan het werk. Als een zoemende netwerkserver die in alle rust complexe berekeningen uitvoert. En dan opeens, zomaar vanuit het niets, borrelt het idee omhoog. Van dit Aha!-moment zijn tientallen getuigenissen van wetenschappers en kunstenaars en ze hebben allemaal dezelfde structuur; een opdracht, nietsdoen en *pats*, het inzicht.”

Het brein werkt samen met de geest. De geest geeft een opdracht, een impuls naar de hersenen en deze verwerken het en komen na een nodige tijd met een oplossing of antwoord. Dagelijks doen we dat, het gaat zo snel en tot in zulk detail zoals ademhalen gewoon normaal is.

Nadenken heeft de mens niet alleen laten overleven, het heeft de mens geevolueerd tot wat we nu zijn. Het is geen instict die de dvd-speler uitvond, dat is slimheid geweest. Maargoed, mijn punt is dat niét weten waar je mee bezig bent eigenlijk veel beter kan zijn.
Stel jezelf eens voor in zo’n cliché Hollywood situatie waarin je op je fiets bijna wordt aangereden door een vrachtwagen. Dat gaat zo snel dat je geen tijd hebt om te denken en je springt op tijd weg.
Zoiets verwacht je niet, maar al zou iemand een minuut van te voren gaan piekeren met “..wat als..” in gedachte, ga je alle mogelijke opties en scenarios af tot het zover is, blijf je op het moment-supreme haken in de verkeerde optie.. En dan is het bye-bye.

Denkers zijn vaak pessimistisch. Het is moeilijk om optimistisch te blijven wanneer je alles fout ziet gaan, alle mogelijkheden nagaat – overal over nadenkt. “Ignorance is bliss” was nog nooit zo treffend. Een blij konijntje dat vrolijk over de weg huppelt is tot zijn laatste secondes voor het contact met de auto heeft een goed leven gehad. Een konijntje dat zich verstopt uit angst verhongert.

Ook reageren?